Scientific Research

4xT
®
Wetenschappelijk

4xT®Wetenschappelijk

4xT®Methode
Wetenschappelijk bewezen effectief

Wist u dat de onderzoeksresultaten van de 4xT®Methode wetenschappelijk feitelijk zijn, controleerbaar en reproduceerbaar met als conclusie: betrouwbaar en effectief!

De methode is onderzocht door wetenschappers, professors en hoogleraren van universiteiten uit diverse landen. De bevindingen zijn gepubliceerd in internationale wetenschappelijke vakbladen en gepresenteerd op wetenschappelijke wereldcongressen. 

Momenteel zijn er diverse lopende studies naar het werkingsmechanisme achter de 4xT®Methode.

Wilt u meer weten over de theoretische en wetenschappelijk achtergronden?
Lees dan verder of kijk gerust op PubMed.

Robbert & Karl

De wetenschappelijke achtergronden van de 4xT®Methode

Hieronder een overzicht van de wetenschappelijke activiteiten rondom de 4xT®Methode met de meest recente studies als eerste.

Het begon met de publicatie van het 4xT®Rugprotocol uit het boek ‘ArthroMyofascial Therapy, The 4xT®Method’ van Karl Noten, de grondlegger van de 4xT®Methode. Deze publicatie op het wetenschappelijke platform OSF, heeft geleid tot diverse studies, artikelen en wereldwijde positieve aandacht voor de 4xT®Methode.

Vooral de directe effecten op diverse weefsels (fascia, spieren, gewrichten) maar ook op de pijn en functieverbetering zijn uniek en maken de 4xT®Methode tot een veelbelovende methode voor de toekomst.

18. (2026) Promotie 4xT®Methode als multimodale fascia gerichte therapie met DAMT®Test.

Exploring Working Mechanisms and effect of Fascia Focused Interventions by skin displacement in Low Back Pain

Robbert Nimal van Amstel. AMS – Rehabilitation & Development, AMS – Musculoskeletal Health, Physiology. PhD Thesis – Research and graduation internal.

Verdediging van de dissertatie door R.N. van Amstel. 
Promotie Faculteit der Gedrags- en Bewegingswetenschappen, Vrije Universiteit Amsterdam. 

  • Promotoren: prof.dr. A.L. Goudzwaard, prof.dr. R.T. Jaspers. 
  • Copromotor: mr. G. Weide. 
  • Promotiecommissie: dr. H. Maas (prof. VUA), prof.dr. S.M. Rubinstein (prof. VUA), dr. A. Stecco (prof. New York City (NYU), prof.dr. N.M. Swart (VUA), prof.dr. R.L. Pratt (prof. Oakland University).

Fasciatherapie biedt nieuw perspectief op chronische lage rugpijn 

Lage-rugpijn is een van de meest voorkomende gezondheidsklachten in Nederland. Vaak is er geen duidelijke structurele oorzaak te vinden, terwijl de pijn het dagelijks functioneren flink kan beperken.
Bewegingswetenschapper Robbert van Amstel onderzocht een veelgebruikte, maar tot nu toe beperkt onderbouwde behandelvorm: Fascia Focused Interventies (FFIs). Zijn resultaten laten zien dat deze aanpak daadwerkelijk effect kan hebben op pijn, mobiliteit en kwaliteit van leven.
 

FFIs richten zich op fascia, het bindweefsel dat huid, spieren en botten met elkaar verbindt. In de fysiotherapie worden deze behandelingen al jaren toegepast via mechanische prikkels zoals druk, rek en het verplaatsen van de huid. Toch was lange tijd onduidelijk hoe deze interventies precies werken en wat ze opleveren voor patiënten met lage-rugpijn. Van Amstel wilde die kenniskloof dichten. 

Uit zijn onderzoek blijkt dat fascia een grotere rol speelt bij lage-rugpijn dan vaak wordt aangenomen. Door de huid gericht te verplaatsen, bewegen de onderliggende fasciale structuren mee. Dat kan de bewegingsvrijheid vergroten en pijn verminderen. Opvallend is dat dit effect meetbaar is en relatief snel optreedt.
Een eenvoudige test, de zogenoemde
DAMT®Test, helpt therapeuten bovendien vast te stellen in welke richting huidverplaatsing bij een individuele patiënt het meest effectief is. 

Onderdeel van vast behandelprotocol 
De grootste winst wordt geboekt wanneer fascia-gerichte interventies niet los worden toegepast, maar onderdeel zijn van een vast behandelprotocol. In het zogeheten 4xT®Protocol – Testen, Triggeren (behandelen), Tapen en Trainen (oefentherapie) – ervaren patiënten meer verbetering dan met oefentherapie alleen. Zij bewegen makkelijker, hebben minder pijn en rapporteren een betere kwaliteit van leven. 

Lage-rugpijn zorgt jaarlijks voor hoge zorgkosten, werkverzuim en verlies aan levenskwaliteit. Het onderzoek van Van Amstel biedt fysiotherapeuten handvatten om behandelingen gerichter en persoonlijker in te zetten. Dat kan leiden tot sneller functioneel herstel en mogelijk een kleinere afhankelijkheid van pijnmedicatie of invasieve ingrepen. 

Op de langere termijn kunnen deze inzichten bijdragen aan beter onderbouwde, niet-medicamenteuze behandelrichtlijnen voor lage-rugpijn. Daarmee sluit het onderzoek aan bij een bredere verschuiving in de zorg: weg van symptoombestrijding, en meer focus op bewegen, functioneren en kwaliteit van leven. 

 

Conclusie: Krachten die op de huid worden uitgeoefend zorgen ervoor dat de thoracolumbale fascia (bindweefselplaat in de onderrug) wordt gespannen, waardoor deze over de erector spinae (diepe rugspieren) schuift. Fascia Tissue Manipulaties (FTM’s) en elastisch taping kunnen de fasciale en spiermechanica acuut moduleren, het glijden verbeteren en de nociceptie (pijngewaarwording) beïnvloeden.

Ze zijn echter onvoldoende als zelfstandige behandelingen en moeten worden geïntegreerd in multimodale therapie, waaronder oefenprogramma’s zoals de fascia gerichte interventie (FFI) 4xT®Protocol. Personalisatie van FFI qua richting, locatie en intensiteit is essentieel vanwege de interindividuele variabiliteit. Functionele beoordelingsinstrumenten, zoals de DAMT®Test (rompbeweging met voortdurende SKD), kunnen helpen om interventiestrategieën te optimaliseren.

Toekomstig onderzoek moet zich richten op:

  1. Het valideren van de effecten van SKD op bewegingsvrijheid, spieractiviteit en pijn bij LBP-patiënten
  2. Het kwantificeren van fasciale afschuifvervorming met behulp van speckle tracking
  3. Het verkennen van neuro-immuuninteracties bij spier- en fasciaherstel
  4. Het personaliseren van FFI-behandelprotocollen om de klinische effectiviteit te maximaliseren.

Originele artikelen:

https://vu.nl/nl/agenda/2026/promotie-r-n-van-amstel

https://research.vu.nl/en/publications/exploring-working-mechanisms-and-effect-of-fascia-focused-interve/

17. (2025) Manipuleren van fasciae volgens de 4xT®Methode: Hoe werkt het?

A review and empirical findings of fasciae and muscle interactions in low back pain.

van Amstel RN, Weide G, Wesselink EO, Noten K, Jacobs K, Pool-Goudzwaard AL, Jaspers RT. Front Physiol. 2025 Sep 10;16:1604459. doi: 10.3389/fphys.2025.1604459. PMID: 41000111; PMCID: PMC12457458.

Bij de 4xT®Methode staat het beïnvloeden van spieren, gewrichten en pijnklachten door manipulaties van de fascia centraal. Hierbij wordt de huid en onderliggende fascia verschoven met de handen en met tape. Maar hoe werkt het precies?

Een team wetenschappers, professoren en hoogleraren van Vrije Universiteit Amsterdam en Fysio Physics Fysio Science zetten alle wetenschappelijke studies en praktische ervaring op een rij met als conclusie: Fascia Tissue Manipulaties zoals toegepast bij de 4xT®Methode verbetert de mobiliteit van gewrichten, bevordert weefselherstel en vermindert de pijn!

Conclusie: Dit artikel geeft aanwijzingen dat de huid op de rug sterk verbonden is met de thoracolumbale fascia, rugspieren en wervelkolom. Deze verbindingen zijn mogelijk versterkt bij patiënten met Lage Rugpijn (LBP). Stress die door SKD-manoeuvres op de huid wordt uitgeoefend, wordt via deze verbindingen overgedragen op de onderliggende anatomische structuren en kan de stijfheid van fasciae en skeletspieren veranderen.

De werkingsmechanismen van FTM’s kunnen mogelijk de hoeveelheid en samenstelling van matrixcomponenten veranderen, evenals de contractiele activiteit van spiervezels en de trekkrachten van (myo)fibroblasten en andere cellen binnen de matrices. FTM-geïnduceerde stress en veranderingen in anatomische structuren verbeteren niet alleen de mobiliteit van de gewrichten, maar bevorderen ook regeneratie en weefseladaptatie via verschillende mechanismen, wat leidt tot pijnverlichting.

Schematisch overzicht van het huid-arthro-myofasciale complex.
Dit schema geeft een overzicht van de anatomische structuren rond een gewricht, van de huid tot het bot, die mechanisch met elkaar verbonden zijn. Het omvat het gewricht (arthro) samen met de spieren (myo) en de vezelige bindweefselstructuren (fasciaal: oppervlakkige–diepe–myo- en arthrofascie) die verbonden zijn met de (epi)dermis.

F toont twee spoelvormige spieren in serie, ter illustratie van anatomische en mechanische verbindingen en hun rol in intermusculaire myofasciale krachtoverdracht. De grootte van spier F en gewricht G is opzettelijk verkleind voor illustratieve doeleinden om lezers te helpen het concept beter te begrijpen.

Niet afgebeeld zijn de neurovasculaire structuren.

Originele artikel: https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC12457458/

Legenda:
A. Epidermis en dermis
B. Oppervlakkig vetweefsel
C. Oppervlakkig fasciale membraan
D. Diep vetweefsel
E. Diep fasciale membraan (diepe fascia)
F. Myofascia (d.w.z. epimysium, perimysium, endomysium)
G. Benige gewrichten
H. Arthrofascie (d.w.z. ligamenten, kapsels, periost)
I. Interfasciale verbindingen (o.a. retinacula cutis-vezels en huidligamenten)

16. (2025) Wat heeft meer invloed op de Kwaliteit van Leven bij Rugpijn: Pijnvermindering of een grotere Pijnvrije Range Of Motion?

Associations between trunk mobility, pain, and quality of life in individuals with chronic low back pain treated with different therapeutic protocols: Potential clinical parameters.

Van Amstel R, Noten K, Malone S, Vaes P. J Back Musculoskelet Rehabil. 2025 Jul 14:10538127251358730.

Conclusies: Mobiliteit van de romp (voorover en achterover buigen), mobiliteitsafhankelijke pijn en waargenomen gezondheid zijn relevante klinische voorspellers van QOL bij personen met a-specifieke Lage Rugpijn (NSCLBP).

Deze bevindingen benadrukken het belang van het beoordelen van zowel objectieve fysieke functie als subjectieve pijnperceptie bij het evalueren van revalidatieresultaten. Het richten op rompmobiliteit en mobiliteitsafhankelijke pijn in LBP-behandeling kan leiden tot meer gepersonaliseerde zorg en verbeterde levenskwaliteit. Het opnemen van deze maatregelen zou standaardpraktijk moeten zijn bij het beoordelen van de effectiviteit van revalidatie.

Origineel artikel: https://journals.sagepub.com/doi/full/10.1177/10538127251358730

15. (2025) Presentatie 4xT®Methode op Wetenschappelijk Congres CONNECT 2025 & NSCA EURO CON Müchen

4xT®Methode op Wetenschappelijk Congres CONNECT 2025 & NSCA EURO CON Müchen

Op 14-16 maart organiseerde de Technical University of Munich (TUM) Germany het Internationale Wetenschappelijk Congres over Fascia & Sportperformance samen met NSCA: Strength meets Connective Tissue.

NSCA, National Strength and Conditioning Association, is de internationale organisatie voor topsport trainers en therapeuten.

Op uitnodiging van Dr.R.Schleip verzorgde drs.Robbert van Amstel een lezing over de 4xT®Methode en Karl Noten een praktische workshop waarbij hij een aanwezige arts met rugpijn, pijnvrij maakte.

Congres link: https://go.nsca.de/page-2fit4xupx2

14. (2025) Validatie IMU’s voor studies aan het houdings- en bewegingsapparaat

Wireless inertial measurement unit-based methods for measuring lumbopelvic-hip range of motion are valid compared with optical motion capture as golden standard.

van Amstel RN, Dijk IE, Noten K, Weide G, Jaspers RT, Pool-Goudzwaard AL. Gait Posture. 2025 Jul;120:72-80.

De IMU’s zijn kleine apparaatjes waarmee bewegingen 3D gemeten kunnen worden en de signalen via de computer vastgelegd kunnen worden. In voorbereiding op de studie naar de effectiviteit van de 4xT®Methode bij heupartrose is gekeken naar de betrouwbaarheid van deze apparaten bij bewegingen van de heup door deze te vergelijken met dure apparatuur (Motion Capture).

Interpretatie: Deze dwarsdoorsnedestudie heeft met succes de clinimetrische meetvaliditeit en nauwkeurigheid van IMU-gebaseerde methoden vastgesteld bij het beoordelen van lumbopelvische heupmobiliteit bij personen met niet-specifieke lage rugpijn en gezonde controles. Op basis van onze bevindingen kunnen goedkope, IMU-gebaseerde methoden valide worden ingezet in zowel de dagelijkse klinische praktijk als klinisch onderzoek voor de beoordeling van lumbopelvisch-heupbeweging.

13. (2024) 4xT®Methode op Wetenschappelijk Wereldcongres Manuele therapie IFOMT Bazel, Zwitserland

4xT®Methode op Wetenschappelijk Wereldcongres Manuele therapie IFOMT Bazel, Zwitserland

IFOMT, International Federation of Orthopedic and Manual Therapy, waar ook de Nederlandse Vereniging voor Manuel Therpie onder valt.

Op 5 juli verzorgde drs.Robbert van Amstel op uitnodiging een presentatie over de 4xT®Methode op het podium van het wetenschappelijk wereldcongres IFOMT

Karl Noten verzorgde een posterpresentatie van de nieuwe studies samen met Dr.Malone van Universiteit Antwerpen.

Waar de presentaties uit diverse landen vooral gingen over het feit dat wetenschappelijk bewijs voor de effectiviteit van manuele therapie bij rugpijn en nekpijn ontbreekt,
werd de 4xT®Methode met wel bewijs voor effect warm ontvangen.

Congres link: https://www.ifompt.org/

12. (2024) Kan Speckle Tracking Analyse gebruikt worden om effecten 4xT®te bestuderen?

Validation of speckle tracking analysis for assessing fascia sliding mobility.

Amstel RV, Brandl A, Weide G, Bartsch K, Jaspers RT, Pool-Goudzwaard A, Schleip R. Validation of speckle tracking analysis for assessing fascia sliding mobility. J Biomech. 2025 Mar;182:112580.

Amstel RV, Brandl A, Weide G, Bartsch K, Jaspers RT, Pool-Goudzwaard A, Schleip R. Validation of speckle tracking analysis for assessing fascia sliding mobility. J Biomech. 2025 Mar;182:112580.

Bij de studies naar het onderliggende mechanisme van de 4xT®Methode en de effecten van fascia tissue manipulaties te evalueren moet gebruik gemaakt worden van betrouwbare gevalideerde meetinstrumenten en methoden. In deze studie wordt de validiteit en betrouwbaarheid van een meetmethode ‘speckle tracking’ van echografische beelden beoordeeld. (Een samenwerking tussen VU Amsterdam, 3 Duitse Universiteiten en Fysio Physics Group.)

Schematical view of a custom-made tissue sliding device. The device consists of a computer-numerically controlled linear table with a ball screw, to which the erector spinae layer of the PTM is freely movably attached to the overlying layers. Layers imitating the cutis, the subcutaneous fatty tissue and the fascia profunda are attached to a fixed support. The ultrasound transducer, aligned perpendicularly with a spirit level, is firmly installed with a brace. Each layer and the transducer are separated from each other by ultrasound gel. The speed of lateral displacement is adjustable between 0 and 100 mm/s with a positioning accuracy of ± 0.03 mm.

Samenvatting. De mate ‘fascial sliding mobility’ en grootte van de vervorming van fascia zijn potentiële biomarkers voor musculoskeletale aandoeningen, met name in de thoracolumbale fascia boven de erector spinae-spieren, die geassocieerd worden met lage rugpijn.

Het gebruik van ‘speckle tracking-analyse’ van echografische beelden met open-source software is voorgesteld om de beweeglijkheid en vervorming van de fascia te beoordelen. Er is echter weinig bekend over de validiteit en betrouwbaarheid van speckle tracking analyses. Aangezien open-source projecten voor speckle tracking-analyse grote vooruitgang hebben geboekt, is een beoordeling van validiteit en betrouwbaarheid nodig. Daarom was deze studie bedoeld om de metrische kwaliteit van speckle tracking-analyse te testen met behulp van een open-source softwareprogramma.

Met het speciaal ontwikkelde tissue schuifapparaat om twee gelpad-fantomen met constante snelheid over elkaar te laten schuiven is het mogelijk om o.a. ultrasone metingen te doen. De schuifverplaatsing (share displacement) werd in realtime vastgelegd als de ‘ground-truth’, terwijl echografische video’s werden opgenomen. De ground truth data werden vervolgens vergeleken met de speckle tracking analysegegevens die uit de echovideo’s waren gehaald.

Conclusie: Speckle tracking-analyse voor het beoordelen van weefselverplaatsing met behulp van gratis en open-source software behaalde uitstekende test-hertest betrouwbaarheid en toonde zeer hoge validiteit en betrouwbaarheid met weinig meetfouten. De gepresenteerde open-source ultrasoon geluids gebaseerde speckle tracking analysemethode kan worden aanbevolen voor onderzoek en klinisch gebruik in diverse omgevingen.

Originele artikel: https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0021929025000910

11. (2024) Introductie van een Nieuw Anatomisch Model met Spieren, Gewrichten én … Fascia.

From Muscle-Bone Concept to the ArthroMyoFascial Complex: A Pragmatic Anatomical Concept for Physiotherapy and Manual Therapy.

Noten K, Amstel RV. Life (Basel). 2024 Jun 25;14(7):799.

De traditionele geneeskunde en fysiotherapie werkt met een anatomisch model waarin spieren en botstukken/gewrichten centraal staan. Fascia speelt in dit 500 jaar oude ‘muscle-bone model’ geen rol en wordt alleen beschreven als passief bindweefsel.

De 4xT®Methode verschuift bij testen en behandelen huid en fascia waardoor spieren en gewrichten beter gaan functioneren. Maar hoe werkt dat? In deze unieke studie is voor het eerst zichtbaar gemaakt hoe fasciale vezels de huid, onderhuidse weefsel, spieren en tot op het bot met elkaar verbinden. Daarom resulteert een verschuiving van de huid in bewegingsveranderingen van gewrichten en spieren.

Fascia krijgt steeds meer aandacht maar de verschillende soorten fasciae zijn nog niet zo benoemd.

ArthroMyofasciaal Complex

Karl Noten en Robbert van Amstel introduceren een nieuw anatomisch model, het ArthroMyofasciaal Complex, waarbij ook gewrichtskapsels, banden en botvlies beschreven worden als ArthroFascia.

Inmiddels wordt dit nieuwe anatomische model op diverse universiteiten wereldwijd gebruikt

Conclusie: Het ArthroMyoFasciale complex bestaat uit meerdere anatomische structuren, van oppervlakkige tot diepere lagen, namelijk de huid, Superficial fascia, Deep fascia, Myofasca inclusief spiervezels, en ArthroFascia, allemaal verbonden binnen een bindweefselmatrix.

Dit model geeft aan dat het een krachtoverdrachtssysteem is tussen de huid en het bot. Deze informatie is cruciaal voor manuele therapeuten, waaronder fysiotherapeuten, osteopaten, chiropractors en massagetherapeuten, omdat zij allemaal werken met fasciale weefsels binnen het musculoskeletale domein.

Het begrijpen van fascia binnen het Muscle-Bone Concept verbetert de klinische praktijk en ondersteunt therapeutisch testen, behandeling, rapportage en multidisciplinaire communicatie, wat essentieel is voor musculoskeletale en orthopedische revalidatie.

Originele artikel: https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC11278034/

10. (2023) Vergelijking 4xT®Methode versus traditionele fysiotherapie bij Lage Rugpijn. (RCT-studie).

Fascia Tissue Manipulations in Chronic Low Back Pain: A Pragmatic Comparative Randomized Clinical Trial of the 4xT®Method and Exercise Therapy.

Amstel RV, Noten K, Malone S, Vaes P. Life (Basel). 2023 Dec 20;14(1):7. doi: 10.3390/life14010007. PMID: 38276256; PMCID: PMC10820544.

Therapeuten zijn enthousiast over de 4xT®Methode maar..,

Wat is het verschil met traditionele therapie die vaak bestaat uit oefeningen bij patiënten met chronische (12 weken of langer) aspecifieke rugpijn. Bij deze vergelijkende studie hebben wetenschappers van 3 universiteiten in Nederland en België traditionele oefentherapie vergeleken met de 4xT®Methode behandeling.

Conclusies: De resultaten van deze studie tonen aan dat de 4xT®Methode een veelbelovende en impactvolle behandelingsoptie is voor mensen met chronische aspecifieke lage rugpijn, omdat het significante verminderingen van mobiliteitsafhankelijke pijn, verhoogde rompmobiliteit en een verbeterde levenskwaliteit (QOL) vertoonde in vergelijking met behandeling met uitsluitend oefentherapie en training.

Ook na 6 weken zonder behandeling bleven de positieve resultaten behouden.
Zoals het effect als de blijvende resultaten zijn uniek.

The Dynamic ArthroMyofascial Translation Test®: a functional diagnostic test procedure. This figure displays the full DAMT®Test procedure of L3 as an example of obtaining the Trigger and Tape direction.

TEST:
First, the subject underwent a baseline test (1) to obtain the flexion and extension trunk range of motion and pain intensity at the end position (PNRS).
Subsequently, the most painful spinal movement direction (flexion or extension) (highest PNRS score) was used as a reference test to test the effect of displacing the skin and underlying fascia (SKD) on the range of motion and level of pain. The reference test was performed with ongoing mediolateral SKD to the left and right (2). The three tests (reference test including: no SKD or left SKD or right SKD) were compared by the patient in choosing the best condition as the so-called ‘positive’ direction.

TRIGGER:
The positive direction was the direction of the triggers which started with softening the superficial fascia towards the deeper myofascia (3). After softening the tissues, the tested spinal segment (e.g., L3) was mobilized in the direction of the positive SKD test and in the opposite direction of the reference test, and (4) 3D spinal joint mobilization L3).

TAPE:
Subsequently, the elastic tape was applied by rubbing the skin and fascia in the mediolateral positive direction. After the full procedure (steps 1–5), the steps were repeated for the next location (e.g., from 1st step L3 to 2nd step S2) until the patient could move with an acceptable level of pain so the patient was able to perform the prescribed training.

This flow chart is for clarifying this article. Just studying the images and reading this article does not guarantee successful results, as it requires training according to the 4xT®Method.

Originele artikel: https://www.mdpi.com/2075-1729/14/1/7

9. (2023) Effect 4xT®Methode bij Lage Rugpijn. (Dual Case study)

Unlocking Pain Relief for Chronic Low Back Pain: The Potential of the 4xT®Method – A Dual Case Study Analysis.

van Amstel R.N. and Noten K. Am J Case Rep, 2023; 24: e939284.

Conclusions: The 4xT®Method was effective in reducing pain and improving mobility in 2 LBP patients after initial treatment and 6 weeks of therapy. Further research is necessary to validate these results in larger populations.

Skin displacement.

This figure illustrates the rationale underlying the effects of skin displacement (SKD) used in the Dynamic ArthroMyofascial Translation® test.

The SKD is expected to generate force that is transmitted via connective tissue linkages to underlying structures, including fasciae, muscles, and joints/bones, and change their relative position, potentially affecting the firing behavior of mechanosensory receptors. The effects of the SKD are expected to vary depending on the location and direction of the SKD.

SKD – skin displacement; L – left SKD; R – right SKD; 0 – neutral.

This table represents the trigger and tape direction per location obtained from the Dynamic ArthroMyofascial Translation® test. Step 10 (green) is not shown. L – lumbar; S – sacrum; TS – thoracic spine; ‘–‘ – individual was pain free, no further interventions required. (Represented photo is from the 4xT book with permission of the author Karl Noten [19].)

8. (2023) Presentatie 4xT®Methode op Wetenschappelijk Wereld Congres Lage Rug- en Bekkenpijn. Melbourne Australië, november 2023.

4xT®Method & DAMT®Test on 11th Interdisciplinary World Congress on Low Back and Pelvic Girdle Pain

Play Video

Op dit congres presenteren wetenschappers uit de hele wereld de nieuwste wetenschappelijke onderzoeken over rugpijn en bekkenpijn.

Op uitnodiging van Dr.Andry Vleeming presenteerde Robbert van Amstel de studies omtrent de 4xT®Methode en de DAMT®Test op 11th Interdisciplinary World Congress on Low Back and Pelvic Girdle Pain.

Conclusie van het congres: rugpijn en bekkenpijn komen wereldwijd steeds meer voor. De 3 meest gebruikte interventies (behandelingen) zijn medicatie, operatie en therapie maar deze werken niet.

De presentatie over de 4xT®Methode was de enige met positieve resultaten. Het bewijs is nog klein vanwege de hoeveelheid mensen maar… meer dan veelbelovend!

7. (2022) De DAMT®Test volgens de 4xT®Methode als diagnostische test, hoe betrouwbaarheid is deze?

Skin Displacement as fascia tissue manipulation at the lower back affects instantaneously the flexion-and extension spine, pelvis, and hip range of motion.

van Amstel RN, Jaspers RT, Pool-Goudzwaard AL. Front Physiol. 2022 Nov 23;13:1067816.

Conclusions: Lumbodorsal SKD affects the flexion- and extension spine, pelvis, and hip range of motion.

The effects of SKD are direction- and location dependent as well as movement (flexion/extension) specific. Lumbodorsal SKD during flexion and extension may be useful to determine whether or not a patient would benefit from fascia tissue manipulations. Further research is required to obtain insight into the mechanisms via which the SKD affects ROM and muscle activation, in healthy, asymptomatic-LBP, and LBP subjects.

Gestandaardiseerd Fasciale Diagnostische Testprotocol:
DAMT®Test volgens de 4xT®Methode.

Onderstaande afbeeldingen vertegenwoordigen de gestandaardiseerde fasciale diagnostische test: DAMT®Test volgens de 4xT®Methode.

Beelden (A–C) vertegenwoordigen de wervelkolombeweging (indextests)
Beelden (D–F) vertegenwoordigen de wervelkolombewegingen met voortdurende lumbodorsale huidverplaatsing.

Dit onderzoekstestprotocol komt overeen met het klinische testprotocol dat is gepubliceerd (Noten, 2021).

  1. Staande neutrale positie
  2. Maximale buiging
  3. Maximale extensie
  4. Staande neutrale positie inclusief middelmatig gerichte SKD L3
  5. Maximale buiging inclusief middelzijdig gerichte SKD L3
  6. Maximale extensie inclusief middelmatig gerichte SKD L3

 

Afkorting: SKD, huidverplaatsing; L3, 3e lumbale wervelkolom.

6. (2021) Is tapen met Elastische Tape effectief bij Lage Rugpijn?

Systematic Review of Lumbar Elastic Tape on Trunk Mobility: A Debatable Issue.

Robbert N. van Amstel, MSc, Karl Noten, BSc, Lara N. van den Boomen, MSc, Tom Brandon, MD, Sven A.F. Tulner, PhD, Richard T. Jaspers, PhD, Annelies L. Pool-Goudzwaard, PhD. Archives of Rehabilitation Research and Clinical Translation, Volume 3, Issue 3, 100131.

Is het effect van elastische tape ter bestrijding van rugpijn wetenschappelijk aangetoond?
Er zijn veel soorten tape en tapemethoden.

In deze review hebben Robbert van Amstel, Karl Noten en Lara van den Boomen van FP FysioScience samen met Tom Brandon (voorzitter Sportgeneeskunde Nederland), Sven Tulner (Orthopedisch Chirurg), Richard Jaspers (Prof. UVA) en Annelies Pool-Goudszwaard (Hoogleraar UVA & SOMT) gekeken naar de beschikbare studies en deze beoordeeld.

Geen van de gerapporteerde significante veranderingen in de rompmobiliteit door het aanbrengen van elastisch tape overtrof de aangegeven minimale detecteerbare verandering. Er kunnen geen conclusies worden getrokken uit de richting en de aangelegde spanning van het aanbrengen van elastische tape.

Conclusies: Op basis van de resultaten van deze systematische review is er geen bewijs voor het effect van taping met elastische tape bij lage rugpijn. Wij raden consensus aan over het gebruik van betrouwbaardere en geldigere instrumenten in toekomstige studies.

Let wel: Taping volgens de EasyTaping® en 4xT®Methode is niet opgenomen in deze studie omdat er op dat moment geen effectstudies van de 4xT®Methode beschikbaar waren (inmiddels wel). Het verschil met de bestudeerde tape methoden is dat de 4x®Methode de voorkeursrichting van de fascia test en het effect vooraf aantoont door middel van DAMT-Testen®. Ook wordt taping toegepast in een totaal aanpak, 4xT®Protocol, en niet als een op zichzelf staande behandeling.

Origineel artikel: https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC8463465/

5. (2021) Open Publicatie over de 4xT®Methode en de DAMT®Test in OSF

The Dynamic ArthroMyofascial Translation® Test (DAMT®Test).

(4xT®Method, the ArthroMyofascial Therapy: Chapter 2;. 2012). Open science publication, 4xT®Low Back Protocol. Noten,K

De eerste open publicatie over de 4xT®Methode, hoofdstuk uit het boek van Karl Noten

4. (2012) Opleiding Orthopedische Revalidatie 4xT®Methode.

Opleiding Orthopedische Revalidatie 4xT®Methode.

Karl Noten introduceerde zijn 4xT®Methode in de KNGF-geaccrediteerde opleiding voor fysiotherapeuten. In de cursusmap beschrijft hij zijn werkwijze volgens de 4xT®Stappen: Test, Trigger, Tape en Train.

Bron: Cursusboek Orthopedische revalidatie 4xt-methode. Noten, K., KNGF Accreditatie ID 25230 2012, ©Fysio Physics: IJsselstein.

Opleiding Orthopedische Revalidatie 4xT®Methode in de praktijk:

In de opleiding zitten ook praktijkdagen, doel van hierboven getoonde praktijkdag is dat de fysiotherapeuten hun eigen moeilijkste patiënt meenemen en deze in een behandeling van 20 minuten pijn vrij krijgen door middel van de 4xT®Methode.

Meer info over de opleiding op https://fysiotherapieopleiding.nl/

3. (2010) Opleiding MedicalFitness (Fysio Physics)

Opleiding MedicalFitness integreerd de 4xT®Methode werkwijze

Karl Noten introduceerde zijn 4xT®Methode in de KNGF-geaccrediteerde opleiding MedicalFitness voor fysiotherapeuten. In de cursusmap beschrijft hij zijn werkwijze volgens de 4xT®Stappen: Test, Trigger, Tape en Train. Later is deze opleiding gesplitst in de opleiding Orthopedische Revalidatie (vooral hands-on technieken) en MedicalFitness (vooral training).

Hierboven een video van de opleiding MedicalFitness in 2010
https://www.youtube.com/watch?v=Btbdce1yz4w

2. (2005) Introductie Fasciaal Testen en Tapen volgens de EasyTaping Methode

De EasyTaping Methode voor fysiotherapeuten

In 2005 introduceren Karl Noten en Marco Schuurmans-Stekhoven de opleiding in de EasyTaping Methode voor fysiotherapeuten in Nederland en Zwitserland. Beiden hebben een opleiding gevolgd tot internationaal docent Kinesio Taping volgens Kenzo Kase. Zij ontwikkelen samen de DAMT®Test, die zij in eerste instantie Easy Testing noemden, om de meest effectieve richting van de tapetechniek te bepalen door het verschuiven van de huid en fascia, later Skin Displacement Manoeuvre genoemd. Vanuit dit principe is de 4xT®Methode ontstaan.  

Cursusboek EasyTaping. Noten, K. & M. Schuurmans-Stekhoven, Chapter 6: EasyTesting in Easytaping Course. 2005, College lecturers ©Fysio Physics: IJsselstein. p. 17-21.

1. (2004) Aanpak 4xT®Methode gepresenteerd en beschreven in Werkwijzer Lage Rugklachten & Arbeidsomstandigheden

Werkwijzer Lage Rugklachten & Arbeidsomstandigheden v.2

STECR, Platform Re-integratie. Dr.Jan Aghina (Voorzitter Kenniskring), Casper Belling (ArboUnie), Ben Hartman (ArboNed), Jolande van Leeuwenburg (Achmea Arbo), Roelof Norden (Achmea Arbo).  Geraadpleegde externe deskundigen: Prof.dr.Ir. C.J. Snijders (Hoogleraar Erasmus Universiteit/TU Delft) en Karl Noten (Fysio Physics).

Lage rugklachten komen veel voor en zijn vaak werkgerelateerd. Het doel van STECR was te komen tot een multidisciplinaire, praktische benadering waarmee arboprofessionals de klacht en het daarmee samenhangende verzuim en mogelijk WAO-instroom, kunnen beïnvloeden. ‘Binnen de doelstellingen van STECR wordt aan de Kenniskring ‘Lage rugklachten en arbeidsomstandigheden’ gevraagd om succesvolle interventiesmethodieken op te sporen en zo mogelijk verder te brengen’.

In dit kader werd Karl Noten uitgenodigd door voorzitter Dr. Jan Aghina om zijn succesvolle aanpak bij lage rugklachten te presenteren en toe te lichten. De beschrijving van Dr. Jan Aghina (toen ook arboarts) van zijn patiënt met hernia, vastgesteld dmv MRI, behandelt door Karl Noten met een nieuwe behandelmethode en na 2 behandelingen pijnvrij, klachtenvrij en volledig belastbaar, zonder verandering van het MRI-beeld, opende interesse van de medische en wetenschappelijke wereld.